Mangrove vegetation structure dynamics and regeneration

 

Thesis Philosophiae Doctor Scientiarum

 

Farid Dahdouh-GuebaS


Nederlandse vertaling

 

Empirical estimate of the reliability of the use of the Point-Centred Quarter Method (PCQM) in mangrove forests.

 

Dahdouh-Guebas, F. & N. Koedam.

 

Laboratory of General Botany and Nature Management, Mangrove Management Group, Vrije Universiteit Brussel, Pleinlaan 2, B-1050 Brussels, Belgium.

 

 

Abstract

 

This study analyses problems that follow from the use of the Point-Centred Quarter Method (PCQM) in mangroves, due to aggregation of trees, ambiguous settings for measuring the distance to sample point or the tree diameters, and over- or underestimation of structural parameters of the forest.  An empirical approach is followed, giving estimates of deviation from measured values.  The analysis is carried out on digitised field maps that represent the exact position, stem diameter, height and cover of mangrove trees and roots in three sites located in Kenya and Sri Lanka, which comprise different types of tree aggregation and density.  Replicated PCQM approaches were applied using sample points located at random or along transects in all sites.  Various forest structural parameters were calculated, and an analysis of the sample point patterns and aggregation was done.  The study indicates that theoretically old trees being surrounded by young ones amongst Rhizophora root complexes, and that the case of multiple stemmed trees such as Excoecaria agallocha, might lead to an underestimation of the basal area and an erroneous importance value of species.  Results indicate that there can be a considerable over- or underestimation of the density and the basal area and that the factor by which this occurs is different according to the forest structure.  Contrary to the reported expectation, the PCQM provides the most correct forest structure parameters in dense, aggregated forests.  Forest structure limitations to the PCQ-Method can be partially overcome by the choice of sample point pattern (‘at random’ or ‘along transect’), with transects being more appropriate in general.  Since the PCQ-Method apparently cannot be carried out according to the book, the present study provides suggestions on how to overcome problematic settings.

 

Keywords : mangrove, PCQM, multi-stemmed trees, aggregation, density, basal area, Kenya, Sri Lanka.

 


PhD Table of Contents


Farid Dahdouh-Guebas' Mangrove Biocomplexity Homepage

This page is maintained by Farid Dahdouh-Guebas, fdahdouh@vub.ac.be

 


 

Nederlandse vertaling :

 

Empirische schatting van de betrouwbaarheid van het gebruik van de Point-Centred Quarter Method (PCQM) in mangrovewouden.  Deze studie analyseert de problemen die volgen uit het gebruik van de Point-Centred Quarter Method (PCQM) in mangroven, als gevolg van de aggregatie van bomen, dubbelzinnige omstandigheden om de afstand tot een staalnamepunt of de boomdiameter te meten en de over- of onderschatting van structurele parameters van het woud.  Er werd een empirische aanpak gevolgd, die een afwijking geeft van gemeten waarden.  De analyse werd uitgevoerd op gedigitaliseerde terreinkaarten die de exacte positie, de stamdiameter, de hoogte en de bedekking van mangroven en mangrovewortels in drie sites in Kenia en Sri Lanka, die verschillende typen van boomaggregatie en –densiteit vertegenwoordigen.  In alle sites werden gerepliceerde PCQM-aanpakken toegepast gebruik makende van staalnamepunten at random of langs transecten gelegen.  Verscheidene woudstructuurparameters werden berekend en een analyse van het patroon en de aggregatie van staalnamepunten werd gedaan.  De studie toont aan dat in theorie oudere bomen omringd door jongere specimens tussen het Rhizophora wortelcomplex en het geval van bomen met multipele stammen zoals Excoecaria agallocha kunnen leiden tot een onderschatting van de basale oppervlakte en een verkeerd ingeschat belang van soorten.  De resultaten evalueren dat er een aanzienlijke over- of onderschatting van de densiteit en de basale oppervlakte kan zijn en dat de factor met dewelke deze gebeurt verschillend is al naar gelang de structuur van het woud.  In tegenstelling tot de verwachting blijkt dat de PCQM de meest correcte woudstructuurparameters oplevert in dense, geaggregeerde bossen.  Woudstructuurbeperkingen voor de PCQ-Methode kunnen gedeeltelijk overkomen worden door de keuze van het staalnamepatroon (‘at random’ of ‘langs transect’), met een algemene voorkeur voor transecten.  Aangezien de PCQ-Methode blijkbaar niet volgens zijn eigen regels kan worden uitgevoerd, geeft de huidige studie suggesties om de problematische condities te boven te komen.