U bent hier

Liefde en erotiek zijn grootste zingevers

De zinnen van het leven, van filosoof Marc Van Den Bossche

 

De zinnen van het leven, is het nieuwe boek van filosoof Marc Van Den Bossche (Vrije Universiteit Brussel). Hij stelt voor om het leven niet meer vanuit de hoogte te beschouwen: door de ogen van God, een strenge ideologie of de ratio. Maar de vraag naar zingeving te beantwoorden vanuit onze lichamelijke en geestelijke gewaarwordingen in onze fysiek wereld. Bottom up in plaats van top down. Marc Van Den Bossche had zelf de liefde nodig om aan zijn boek te beginnen en zijn ogen filosofisch te openen.

 

Het boek is opgedragen aan Saskia, die hem na de dood van zijn vrouw – beschreven in Leven na de dood. Dagboek van een rouwproces (2014) – weer verliefd deed worden. “Rationeel gezien leek mij dat lange tijd onmogelijk. Maar ik werd er door ‘gepakt’, een stemming vatte mij. Dingen kregen weer andere betekenissen. Ze leken opnieuw zinvol.” Marc Van Den Bossche schrijft dat hij dankzij zijn nieuwe liefde beter begrijpt wat zin ìn en zin vàn het leven betekent. Ook fysiek. “Ik ben ervan overtuigd dat van lichamelijkheid en gevoelens dé prikkels uitgaan om zin en zinnen van het leven scherper te ervaren. Dat kan evengoed gaan over erotiek als over sport, kunst of handwerk allerhande. Maar in de liefde en de erotiek kleuren ze het leven meest overtuigend met zin.”

 

We verlangen allemaal naar zin en betekenis in ons leven. Althans, dat is de veronderstelling van Marc Van Den Bossche. In zijn boek breekt de VUB-cultuurfilosoof er een lans voor om die zoektocht ook in te vullen vanuit onze emoties en ons lichaam. Dus niet alleen vanuit de geest en de rede. De vraag naar de zin in het bestaan is oud. “Lange tijd, en tot nu toe, liet die vraag zich enkel stellen in combinatie met een naar hogere sferen gerichte blik … Dat kon of kan het woord Gods zijn, een ideologisch niet in twijfel te trekken gedachtengoed, maar evengoed een antropocentrisch idee van de mens als onwrikbaar en universeel gegeven, centrum en fundament van een wereldbeeld.”  Het moet volgens Van Den Bossche maar eens gedaan zijn met de onwil van filosofen om zich niet bezig te houden met modder, hobbels en lichaamssappen. “Mij lijkt het idee verdedigbaar dat onze existentie een erotische onderstroom heeft, een verlangen naar zin en betekenis dat ons draagt en drijft.”

 

Met De zinnen van het leven heeft Van Den Bossche geen makkelijk boek willen schrijven, stelt hij in zijn inleiding. Maar het is evenmin een boek geworden dat voor slecht slechts weinigen toegankelijk is. Het is waar, hij haalt filosofen aan als Martin Heidegger, Hans-Georg Gadamer of John Dewey. Maar zoals hij het zelf formuleert: hij schrijft erover “zoals hij over hen zou praten tijdens een enthousiasmerend en inspirerend bedoelde babbel”.

Mist hij zelf zulke gesprekken? Niet iedereen vertelt voor de vuist weg over ‘De eros van het leven’, ‘De zin van het zijn’, ‘De kunst van het verstaan’, en ‘De verbeelding en het verhaal van anderen’; enkele van de hoofdstuktitels. Zou hij dan maar zelf voor een gesprekspartner hebben gezorgd in de vorm van zijn boek? Zelf ziet Van Den Bossche zijn laatste werk als een soort status questionis. Waar is hij op dit punt aanbeland in de filosofie, vraagt hij zich af.

 

 

Perscontacten

Contacteer de perscontacten van de VUB

Mocht u er niet in slagen de gewenste contactpersoon te vinden, dan kunt u altijd contact opnemen met de persrelaties:
+(32) 473/96 41 37 
sicco.wittermans@vub.ac.be