Vrije Universiteit Brussel


Persoonlijke Berschermingsmiddelen

Handschoenen

1. Definitie van handschoenen als persoonlijke beschermingsmiddelen.

Het marktaanbod aan beschermingshandschoenen is waarschijnlijk het meest gevarieerde van alle groepen persoonlijke beschermingsmiddelen. Dit is wellicht zo omdat ook de risico's zo verscheiden zijn: snij- en steekwonden, schaafwonden, pletting, brandwonden, extreme koude, chemische letsels, infectie, ioniserende straling, elektrocutie, enz. Daarom is een op de voor elke werkpost specifieke risico's en bewerkingen gerichte aanpak vereist. Een van de fabrikanten vatte dit bondig en juist samen in de slogan: "job-fitted gloves". Ondanks de automatisering blijven ongevallen met kwetsuren aan vingers en handen in de meeste geïndustrialiseerde landen zeer frequent optreden. Zij vertegenwoordigen ongeveer een derde van het totaal aantal ongevallen.

Een Amerikaanse studie uit 1981 bracht aan het licht dat ongeveer 70 % van de gekwetste werknemers op het ogenblik van het ongeval geen handbescherming droeg. 60 % van deze werknemers was betrokken in productieprocessen. In zeven ongevallen op tien waren de verwondingen aan de handen snijwonden. Een vierde van de ongevallen had breuken tot gevolg. Van de arbeiders die bij hun ongeval handbescherming droegen, was ongeveer een derde van oordeel dat de handschoenen de ernst van hun kwetsuren sterk hadden verminderd. Een op acht stelde de handschoenen verantwoordelijk voor het ongeval, omdat ze bijvoorbeeld de hand in de machine hadden getrokken.

Handschoenen kunnen overigens ook nog op een andere wijze een bijkomend risico beteke-nen. De materialen die bij de vervaardiging van de handschoen gebruikt worden, kunnen namelijk aanleiding geven tot irritaties en allergieën. Tot de materialen die dit type risico met zich meebrengen rekent men onder andere vrij chroom (VI) in leder, bepaalde rubberadditieven en bewaarmiddelen zoals pentachloorfenol.

2. Zeven redenen om handschoenen te dragen.

  1. Onze handen blijven proper en de huid blijft langer gaaf en gezond als die beschermd wordt. Voorwerpen, materialen en stoffen waar wij mee in aanraking komen of vastnemen en verhandelen maken de huid ruw en kwetsbaar. Propere handen houden ook andere dingen proper.
  2. Handschoenen maken onze greep beter op alle voorwerpen die wij opnemen en onder controle moeten houden bij het vastnemen en dragen.
  3. Handschoenen beletten dat allerlei stoffen of dragers van infectie in de huid dringen. Ingevette en behandelde voorwerpen, harshoudende houtsoorten kunnen infectiewonden veroorzaken. Om het even welk voorwerp kan infectie veroorzaken bij splinters of snijwonden. Zelfs de rand van een karton of nietje kan dit doen.
  4. Handschoenen geven een betere greep bij natte en glibberige voorwerpen. Zij maken dat die voorwerpen niet door de handen glijden bij het vastnemen, opnemen of tijdens het dragen.
  5. Handschoenen beschermen tegen gevaarlijke en agressieve producten. Aangepaste handbescherming belet dat bijtende producten de huid aanvreten. Irriterende producten kunnen via de huid in het bloed worden opgenomen. Reinigingsproducten hebben een agressieve werking; lasstraling tast de huid aan. Voor elk soort risico is er een speciale soort beschermhandschoen.
  6. Handschoenen beschermen tegen snijdende en ruwe oppervlakken. Onze handen zijn uiterst kwetsbaar voor snijwonden en pletwonden veroorzaakt door bewegende en snijdende voorwerpen. Kwetsuren kunnen de fijngevoelige structuur van pezen en zenuwen onherstelbaar beschadigen.
  7. Handschoenen vangen de eerste stoot op als er iets mis gaat. Stoten tegen, geklemd worden onder, het kan gebeuren bij het dragen en neerzetten van materiaal. De handschoenen zorgen dan voor een beschermende laag en buffer. De handschoenen kunnen het verschil maken tussen een kneuzing en een breuk, dat heeft de ervaring geleerd.

3. Wetgeving inzake handbescherming.

In de bijlage aan het Koninklijk Besluit betreffende de "minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid voor het gebruik op het werk van persoonlijke beschermingsmiddelen" van 7 augustus 1995, dat Richtlijn 89/656/EEG in Belgische wetgeving omzet, worden een aantal activiteiten opgegeven, waarbij letsels aan de handen kunnen voorkomen. Nevenstaand pictogram verplicht tot het dragen van handschoenen als P.B.M.

We zetten ze hier even op een rijtje:

  • Mechanische risico's: hanteren van vlak glas; zandstralen; uitbenen en versnijden; gebruik van messen, bijvoorbeeld in slachthuizen; vervangen van messen in snijmachines; hanteren van voorwerpen met scherpe of abrasieve kanten (tenzij indien de handschoen in een draaiende machine gegrepen zou kunnen worden);
  • Thermische risico's: hanteren van hete massa's; warme omgeving; laswerkzaamheden;
  • Bevriezing: werkzaamheden in koelkamers; manipuleren van cryogene vloeistoffen;
  • Chemische-, biologische- en stralingsrisico's: hanteren van chemische stoffen, desinfectiemiddelen en corrosieve reinigingsproducten; werk in riolen of op stortplaatsen; werk in vilbeluiken; werk met biologisch actieve substanties; behandelen van radioactieve stralingsbronnen, al dan niet in handschoenkasten;
  • Elektrische risico's: werken aan laag- en hoogspanningsinstallaties.

Bovenstaande risico's moeten opgevangen worden door het dragen van handschoenen als persoonlijk beschermingsmiddel welke geproduceerd werden volgens de Europese richtlijn 89/686/EEG die in het Belgisch recht omgezet is door het Koninklijk Besluit van 31 december 1992 (B.S., 4 februari 1995) en die refereren naar een Europese Norm voor wat hun prestaties betreft. Er zijn evenwel een aantal handschoenen waarop bovenvermeld KB "fabricatie" niet van toepassing is :

  • handschoenen en vingerlingen voor medisch gebruik die worden gebruikt in de omgeving van de patiënt. Zij moeten daarentegen geproduceerd worden volgend de richtlijn "Medische hulpmiddelen" 93/42/EEG, K.B. van 18 maart 1999 (B.S. van 14 april 1999) en aldus ook een CE-attest hebben
  • alle handschoenen die ontworpen en gefabriceerd zijn voor particulier gebruik ter bescherming tegen vocht of niet extreme warmte of koude;
  • beschermingsmiddelen die specifiek ontworpen en gefabriceerd zijn voor de strijdmachten of ordediensten.

4. Algemene vereisten voor handbescherming (EN 420)

De handschoen moet zo geconstrueerd zijn dat ze tegelijkertijd:

  • de gebruiker op een zo hoog mogelijk niveau tegen de risico's beschermt;
  • geen bijkomende risico's creëert;
  • de gebruiker een maximale vrijheid laat om een normale activiteit uit te voeren.

Eventuele naden mogen de sterkte en de andere kwaliteiten van de handschoen niet gevoelig verminderen.

De materialen waaruit de handschoen gemaakt is en in het bijzonder deze die met de huid in contact komen, mogen niet schadelijk zijn voor de gezondheid. Indien bij de fabricage van de handschoen toch gebruikgemaakt is van allergene substanties, moet dit in de informatie aan de gebruiker opgegeven worden. Voor twee van deze hinderfactoren, de pH en het chroom(VI)-gehalte, worden expliciete limietwaarden opgegeven.

De pH moet zo dicht mogelijk bij de neutrale waarde liggen en voor lederen handschoenen tussen 3,5 en 9,5 gesitueerd zijn. Het productieproces van latex wegwerphandschoenen brengt met zich mee dat het waterig extract van dit soort handschoenen een zeer hoge pH vertoont (tot 10).

Het wateroplosbaar chroomgehalte van lederen handschoenen mag niet meer dan 10 mg/kg bedragen (in EN 420 is 2 mg/kg opgegeven, maar dit zal bij de herziening van de norm in 10 mg/kg veranderd worden omwille van meetproblemen).

Als de fabrikant vermeldt dat zijn handschoenen gereinigd kunnen worden, moet hij aangeven gedurende hoeveel reinigingscycli de geclaimde prestatieniveaus gegarandeerd kunnen worden.

EN 420 geeft ook aan hoe de maat van een handschoen moet bepaald worden. Deze maat geeft aan voor welke maat van handen een bepaalde handschoenmaat geschikt is. De handmaat wordt gekenmerkt door de handomtrek (in inch) 20 mm boven de duiminzet en de totale lengte van de hand van polsgewricht tot het uiteinde van de middenvinger. Meestal gaan handschoenmaten van 6 tot 11 en is dit gekoppeld aan de minimale totale lengte van de handschoen (van 220 mm voor maat 6 tot 270 mm voor maat 11 met intervals van 10 mm). Voor speciale toepassingen mag van de minimumlengte afgeweken worden.

De vingergevoeligheid van de handschoen wordt weergegeven met een index van 1 tot 5, naarmate men met de handschoen dunnere staafjes kan opnemen.

Lederen handschoenen worden bovendien gequoteerd op hun vermogen om waterdamp op te nemen en door te laten (comfortfactoren).

Elke handschoen moet leesbaar en duurzaam gemarkeerd worden met:

  • identificatie van de fabrikant (naam, logo);
  • aanduiding van het handschoentype;
  • maataanduiding;
  • vervaldatum (indien toepasselijk).

Indien de markering de kwaliteiten van de handschoen zou verminderen, mag ze op de kleinste verpakking geplaatst worden. Deze kleinste verpakking is gemarkeerd met:

  • naam en volledig adres van de fabrikant/invoerder;
  • aanduiding van het soort handschoen;
  • maataanduiding;
  • vervaldatum (indien toepasselijk);
  • plaats waar bijkomende informatie kan bekomen worden;
  • voor handschoenen van eenvoudig ontwerp (categorie I) de woorden:
  • "enkel voor kleine risico's";
  • indien de handschoen conform is aan een specifieke productnorm en op minstens 1 test het prestatieniveau 1 of meer behaalt: het overeenstemmende pictogram, gevolgd door de behaalde prestatieniveaus in de volgorde zoals opgegeven in de betreffende productnorm.

De fabrikant moet bovendien een informatieve nota ter beschikking stellen van de gebruiker, die volgende gegevens bevat:

  • naam en volledig adres van de fabrikant/invoerder;
  • aanduiding van het type handschoen;
  • informatie over de beschikbare maten (en eventueel afwijkingen voor speciale gevallen);
  • de pictogrammen van de risico's waartegen de handschoen beschermt, vergezeld van de behaalde prestatieniveaus.

De betekenis van deze prestatieniveaus moet verklaard worden;

  • het verschil in beschermingsgraad tussen verschillende gedeelten van de handschoen (indien toepasselijk);
  • de lijst van gebruikte allergene substanties (indien toepasselijk);
  • gebruiks-, onderhouds- en opslaginstructies, toebehoren en onderdelen (indien toepasselijk).

Enkele in EN 420 gebruikte pictogrammen

Risico
Pictogram
Pictogram
Risico
Mechanische risico's
Statische elektriciteit
Lage temperatuur risico's
Micro organismen
Warmte en vuur risico's
Bewegende onderdelen
Chemische risico's
Lage zichtbaarheid

5. Handbescherming tegen chemicaliën en micro-organismen (EN 374)

Handschoenen ter bescherming tegen chemicaliën moeten voldoen aan de algemene vereisten, gesteld in EN 420. Wat betreft de mechanische kwaliteiten ervan (volgens EN 388), moeten de behaalde prestatieniveaus wel opgegeven worden, maar er zijn geen minimumvereisten opgelegd. Aangenomen wordt dat een handschoen die vloeistofdicht is (volgens EN 374-2) ook beschermt tegen micro-organismen. De dichtheid van chemische beschermingshandschoenen wordt bepaald aan de hand van twee parameters, namelijk de penetratie en de permeatie.

Penetratie. Het doordringen van vloeistoffen doorheen ondichtheden, microperforaties, scheurtjes en dergelijke in het materiaal van de handschoen. De controle op de penetratie gebeurt door een steekproefname op statistische basis. Er worden drie kwaliteitsniveaus gedefinieerd:

Kwaliteitsniveau
Penetratie
Niveau 1
4 % (aanvaardbaar defectenniveau)
Niveau 2
1,5%
Niveau 3
0,65 %

Permeatie. Permeatie is het doordringen van chemische producten doorheen het materiaal van de handschoen op een moleculair niveau. Aan de hand van de doorbraaktijd wordt een quoteringscijfer van 1 tot 6 gegeven en wel zoals aangegeven in onderstaande tabel.

Permeatie van beschermingshandschoenen:
relatie doorbraaktijd/prestatieniveau
Doorbraaktijd
Prestatieniveau
> 10 min
1
> 30 min
2
> 60 min
3
> 120 min
4
> 240 min
5
> 480 min
6

Markering en gebruikersinstructies moeten voldoen aan EN 420. De markering is het pictogram "erlenmeyer in schild". Daarnaast wordt een boek met de letter "i" afgebeeld om aan te geven dat verdere informatie te vinden is in de gebruikersinstructies. Daarin moeten onder andere de permeatiegegevens worden opgenomen van de chemicaliën waarvoor de handschoen getest is.

6. Handbescherming tegen chemicaliën.

De verscheidenheid aan chemische producten en mengsels is zo groot dat het niet steeds mogelijk is onmiddellijk de juiste oplossing voor te stellen. Soms is het zelfs onmogelijk tussen de voor handschoenen geëigende materialen een oplossing te vinden die een perfecte inertie tegenover een bepaald chemisch product garandeert. Daarom is het aan te raden eerst de bestendigheidslijsten van de fabrikanten te raadplegen en met de bruikbare types een beperkte gebruikstest te doen.

De meeste rubbersoorten, ook de synthetische, nemen organische solventen op. Deze absorptie doet het materiaal zwellen en vermindert de mechanische weerstand. Omdat dit verschijnsel omkeerbaar is, kan het in bepaalde gevallen nuttig zijn meerdere paren handschoenen tegelijk in gebruik te hebben. Men gebruikt elk paar gedurende een beperkte tijd en laat het drogen, terwijl men een ander paar aantrekt. Veel beschermingshandschoenen tegen chemicaliën zijn niet gevoerd. Voor de verhoging van het comfort kan men dan onder de beschermingshandschoen een gebreide katoenen handschoen dragen.

verantwoordelijke: G. De BackerTerug naar boven

©2007 • Vrije Universiteit Brussel • Pleinlaan 2 • 1050 Elsene • Tel.: 02/629.21.11 • info@vub.ac.be