logo

U bent hier

Waarschuwingsbericht

Opgelet! Dit event heeft al plaatsgehad.

Onderzoek naar de missie en de organisatie van de Belgische moderne kunstfotografie tussen 1950 en 1965

vrijdag, 25 april, 2008 - 15:00
Campus: Brussels Humanities, Sciences & Engineering campus
Faculteit: Arts and Philosophy
D
2.01
Tamara Berghmans
doctoraatsverdediging

Dit proefschrift heeft als onderwerp de missie en de organisatie van de Belgische moderne kunstfotografie tussen 1950 en 1965 en geeft de geschiedenis en de interpretatie van zeven strijdbare fotografen tussen traditie en vernieuwing. We onderzoeken enerzijds het gedachtegoed dat deze fotografen wilden uitdragen en anderzijds hoe ze zich organiseerden. We bestuderen in de eerste plaats de moderne kunstfotografie, dat wil zeggen fotografie die kunst wil zijn (in tegenstelling tot toegepaste en/of reportagefotografie) en zich hierbij expliciet afzet tegen de traditionele salonfotografie van het picturalisme. De Belgische moderne kunstfotografie in de jaren vijftig vond aansluiting bij het Duitse concept subjektive Fotografie van de gewezen arts en fotograaf Otto Steinert (1915-1978). De zeven centrale fotografen in deze studie zijn Robert Besard (1920-2000), Pierre Cordier (°1933), Julien Coulommier (°1922), Gilbert De Keyser (1925-2001), Antoon Dries (1910-2004), Marcel Permantier (1918-2005) en Serge Vandercam (1924-2005).

Dit onderzoek gaat na in welke mate België in de ban was van de traditie. We bestuderen hoe het concept subjektive Fotografie van Otto Steinert in de Belgische moderne kunstfotografie tussen 1950 en 1965 tot uiting kwam en welke rol de traditie van het picturalisme gespeeld heeft in de ontwikkeling van deze moderne kunstfotografie. In de eerste plaats onderzoeken we hoe de moderne kunstfotografie in België geëvolueerd is tussen 1950 en 1965 op artistiek en organisatorisch gebied. In de tweede plaats vragen we ons af of de Belgische moderne kunstfotografie tussen 1950 en 1965 een rol gespeeld heeft in de verwerving van de nieuwe status van de fotografie in de Beeldende Kunsten. In de derde plaats onderzoeken we de betekenis van de Belgische moderne kunstfotografie (1950-1965) gezien in het internationale fotografielandschap. Zo zoeken we uit of er sprake was van een specifiek Belgische identiteit. In de vierde plaats peilen we naar de waardering voor de Belgische moderne kunstfotografie en in welke mate dit duidelijk wordt tussen 1950 en 1965. Tot slot zoeken we uit in welke mate het amateur-statuut van de Belgische kunstfotografen een rol speelde in hun missie.

Het belang van de Belgische moderne kunstfotografen lag in het feit dat ze vernieuwend waren in eigen land, deel uitmaakten van een brede internationale beweging, buitenlandse erkenning genoten, de fotografie in de kunstwereld binnenloodsten, een bewustmakingsproces in België op gang zetten en de nieuwe generatie fotografen de mogelijkheid boden om zonder al te veel moeilijkheden hun artistieke aspiraties te ontplooien. Fotografen die werkzaam waren begin jaren zeventig hadden geen fotoclub meer nodig en konden dadelijk de stap zetten naar de autonome fotografie, al dan niet na een fotografische opleiding te hebben genoten. De strijd voor de erkenning was gestreden, de waardering kon nu ook in geldelijke middelen worden omgezet.

We kunnen besluiten dat de subjektive Fotografie van Otto Steinert niet blindelings werd overgenomen, maar dat er in België een eigen invulling werd gegeven. De traditie van het picturalisme werkte aan de ene kant door in de werking en de organisatie van de Belgische moderne kunstfotografen. Door gebrek aan andere mogelijkheden waren de fotografen immers genoodzaakt om vanuit het club- en het amateur-milieu te werken. Aan de andere kant braken de moderne kunstfotografen met deze traditie van het ondertussen achterhaalde picturalisme en zochten ze aansluiting met de internationale moderne fotografie en de kunstwereld. De Belgische moderne kunstfotografen legden de basis voor een nieuwe generatie fotografen. Deze zeven strijdbare fotografen tussen traditie en vernieuwing bouwden onomkeerbaar het emancipatieproces van de fotografie in België uit.