logo

Algemene gegevens

Hier vind je algemene informatie over de opleidingen industriële wetenschappen aan de VUB.

Opleidingspagina

Klik door naar de opleidingspagina van de

  • Bachelor of Science in de industriële wetenschappen (180 ECTS)
  • Master of Science in de industriële wetenschappen: elektromechanica (60 ECTS)
  • Master of Science in de industriële wetenschappen: Elektronica-ICT (60 ECTS)

Cijfers

Klik door naar cijfergegevens die beschikbaar worden gesteld op de pagina 'Opleiding in cijfers' van de Vlaamse overheid, Onderwijs & Vorming:

KWALITEIT VAN DE OPLEIDINGEN INDUSTRIELE WETENSCHAPPEN

De opleidingen industriële wetenschappen vormen drijvers van innovatie, ingenieurs die denken met hun handen en doen met hun hoofd. Prototyping en duurzaamheid zijn twee kernbegrippen die als een rode draad doorheen het curriculum lopen. Studenten krijgen vanaf het eerste jaar toegang tot het FabLab om er zelf aan de slag te gaan met de verschillende machines. Er wordt veel waarde gehecht aan projectwerk, de studenten leren stapsgewijs steeds grotere projecten uit te werken en te plannen.

De opleidingsraad zorgt voor een coherent programma met praktische inslag dat studenten uit heel België aantrekt. Het laagdrempelige contact met een hechte groep docenten die ervan overtuigd is dat kwaliteitsvol onderwijs een gedeelde verantwoordelijkheid is, wordt erg gewaardeerd door de studenten. De opleidingsraad volgt de studenten van nabij op in samenwerking met Studiebegeleiding om begeleiding aan te bieden die past bij het profiel van de student.

de studenten worden opgeleid om te denken met hun handen en te doen met hun hoofd

Leerresultaten en profilering

De eerste twee jaar van de bacheloropleiding Industriële wetenschappen zijn gemeenschappelijk en zorgen ervoor dat studenten een brede ingenieursvorming krijgen. In het tweede jaar werken alle studenten een project uit met zowel elektromechanische als elektronica-ICT aspect. Onder andere op basis van die informatie kunnen studenten kiezen voor één van beide afstudeerrichtingen, Elektromechanica of Elektronica- ICT. Studenten kunnen dan doorstromen naar de aansluitende master: Master of Science in de industriële wetenschappen: Elektromechanica, met ofwel afstudeerrichting luchtvaarttechnologie, ofwel specialisatie in Mechatronica, Duurzame energie, of Vervoerstechnologie, of Master of Science in de industriële wetenschappen: Elektronica-ICT, met specialisatie in ofwel Ingebedde systemen ofwel Netwerken.

De opleidingen Industriële wetenschappen streven ernaar academisch geschoolde ingenieurs te vormen die drijvers zijn van innovatie en vanuit de locatie in Brussel krijgen de onderwijsactiviteiten een internationale dimensie. Ze verwelkomen een erg diverse instroom waar iedere student in zijn of haar eigenheid wordt gerespecteerd. Ondernemerschap wordt gestimuleerd en de studenten worden opgeleid om te denken met hun handen en te doen met hun hoofd.

De opleidingen onderscheiden zich door de aandacht die ze schenken aan duurzaamheid en prototyping. De opleidingsraad vindt het belangrijk dat studenten een positieve keuze maken om industrieel ingenieur te worden.

In de opleidingsspecifieke leerresultaten beschrijft de opleidingsraad welke kennis en inzichten afgestudeerden moeten bezitten en welke vaardigheden en attitudes zij moeten beheersen. De leerresultaten sluiten aan bij de niveaudescriptoren zoals beschreven in de Vlaamse Kwalificatiestructuur en in artikel II.141 van de Codex Hoger Onderwijs. Ze sluiten eveneens aan bij de vijf pijlers van de Visie op Onderwijs van de VUB.

er wordt van de studenten verwacht dat ze een werkend prototype kunnen presenteren. hierin staat het FabLab centraal

Curriculum

Het traject Bachelor of Science in de industriële wetenschappen omvat 180 ECTS, waarvan 60 ECTS gereserveerd zijn voor een afstudeerrichting naar keuze. De eerste twee bachelorjaren bestaan uit gemeenschappelijke opleidingsonderdelen, opgedeeld in drie modules: Wetenschappen, Technologie en Ingenieursvaardigheden. In het tweede jaar doen studenten een Ontwerpproject dat zowel Elektronica als Elektromechanica omvat. Het derde bachelorjaar geeft ruimte aan innovatie, ondernemerschap en internationale competenties. De afstudeerrichting Elektromechanica bestaat uit drie verplichte modules (Technologie, Ingenieursvaardigheden en Internationalisering) en drie keuzemodules (Luchtvaarttechnologie, Duurzame energie of Mechatronica/Vervoertechnologie), waarvan studenten er één moeten kiezen. De afstudeerrichting Elektronica-ICT bestaat uit drie modules (Technologie, Ingenieursvaardigheden en Internationalisering).

De Master of Science in Industriële wetenschappen: Elektronica-ICT gaat dieper in op elektronica en computerarchitectuur, signaalverwerking, multimedia en transmissietechnieken. Er bestaan twee opties: ‘Netwerken’ en ‘Ingebedde systemen’.

De Master of Science in de industriële wetenschappen: Elektromechanica richt zich op het ontwikkelen, produceren, toepassen, implementeren en verbeteren van producten, processen en elektromechanische systemen. Er zijn vier opties; ‘Duurzame energie’, ‘Mechatronica’, ‘Vervoertechnologie’en ‘Luchtvaartechnologie’.

De opleidingsraad werkt reeds vele jaren met een competentiematrix waarin de gedragsindicatoren worden weergegeven per opleidingsonderdeel. Na de integratie in de VUB werd deze vertaald naar de opleidingsmatrix. Met behulp van dit instrument worden de opleidingsonderdelen van de opleiding gekoppeld aan de opleidingsspecifieke leerresultaten, de werk- en de evaluatievormen. Het overzicht dat zo ontstaat en waaruit ook de onderlinge samenhang blijkt, vormt een startpunt voor verdere afstemming. De opleidingsraad verfijnt het programma aan de hand van de opleidingsmatrix indien nodig.

Het curriculum heeft een zeer praktische inslag. Er is een doordachte opbouw, van meer fundamentele kennis in de lagere jaren, naar meer ingenieursgerichte kennis en praktische opleidingsonderdelen in het derde bachelorjaar en de masters. Studenten moeten daadwerkelijk kunnen realiseren wat ze bedenken, een erg belangrijke vaardigheid die ze later in het werkveld nodig zullen hebben. Daarom werd in het curriculum een sterke leerlijn prototyping uitgewerkt. Er wordt van de studenten verwacht dat ze een werkend prototype kunnen presenteren. Hierin staat het FabLab centraal. Studenten krijgen vanaf het eerste jaar toegang tot het FabLab om er zelf aan de slag te gaan met de verschillende machines. Projectwerk krijgt een belangrijke plaats in het curriculum, de studenten leren stapsgewijs steeds grotere projecten uit te werken en te plannen.

In de masters zijn het onderzoek en het onderwijs goed verweven.

er is een gezonde mix van evaluatievormen aanwezig

Evaluatiebeleid

De opleidingsraad hecht veel belang aan een goede implementatie van de visie en het beleid omtrent evalueren van de VUB. Er wordt regelmatig een “Kick-off” georganiseerd waarbij alle docenten van de opleiding samen zitten en rond een thema werken. Zo werd er een volledige dag aan het evaluatiebeleid gewijd. Op deze “Kick-off” werd onder andere de opleidingsmatrix besproken, konden docenten een workshop over toetsmatrijzen volgen en werden opleidingsbrede afspraken omtrent evalueren opgesteld.

De evaluatievormen zijn in kaart gebracht aan de hand van de ingevulde opleidingsmatrix. Hieruit blijkt dat een gezonde mix van evaluatievormen aanwezig is in de opleiding. Er wordt over gewaakt dat de vooropgestelde leerdoelen aan de hand van de meest geschikte werkvormen worden aangebracht en op de juiste manier worden getoetst. Zo garandeert de opleidingsraad dat de studenten de vooropgestelde competenties ook effectief bereiken.

Beoordelingsformulieren voor de bachelorproef, masterproef en de stage bestaan reeds lange tijd en worden geregeld bijgesteld en geoptimaliseerd. De beoordelingsformulieren (en daarmee de -criteria) worden duidelijk gecommuniceerd en er wordt door promotoren stilgestaan bij het belang van de formulieren zodat studenten weten wat van hen verwacht wordt. Zowel de bachelor- als de masterproef wordt door een vaste jury(voorzitter) beoordeeld om afwijkingen in de manier van evalueren te voorkomen. Formatieve evaluatie is sterk aanwezig bij de bachelorproef, waarbij studenten tussentijds presenteren en feedback krijgen van hun jury. Ook bij project- en labowerk is formatieve evaluatie, naast summatieve evaluatie, sterk aanwezig.

Tevredenheid studenten

In de studentenfeedback beoordelen de studenten hun onderwijs. Hieronder worden de resultaten weergegeven voor de laatste twee semesters waarvoor resultaten beschikbaar waren bij het opstellen van dit rapport.

 

Bachelor Industriële Wetenschappen

Deelname:

2017-2018 semester 1: 49% (109/222)

2017-2018 semester 2: 14% (32/225)

 

Master Industriële Wetenschappen: Elektromechanica

Deelname:

2017-2018 semester 1: 48% (36/75)

2017-2018 semester 2: 17% (13/78)

 

Master Industriële Wetenschappen: Elektronica-ICT

Deelname:

2017-2018 semester 1: 53% (7/13)

2017-2018 semester 2: 23% (3/13)

 

de groep docenten is gemakkelijk aanspreekbaar

Docenten

De groep docenten is hecht en is volgens studenten gemakkelijk aanspreekbaar. Het personeel hecht veel belang aan onderwijs en is ervan overtuigd dat de kwaliteit van het onderwijs een collectieve verantwoordelijkheid is. De opleiding beschikt ook over een sterke groep assistenten die de docenten voornamelijk bijstaat bij het inrichten van de praktische sessies. Gezien de integratie in de universiteit is de samenwerking met andere vakgroepen in de faculteit een kans om het onderwijs te optimaliseren en versterken. 

het FabLab wordt erg gewaardeerd door studenten

Voorzieningen en studiebegeleiding

De studenten kunnen aan de slag in goed uitgeruste labo’s. Zeker het FabLab zorgt voor een zeer positieve dynamiek waarmee de opleidingen graag naar buiten komen. Het FabLab is een prototyping-werkplaats waarvan studenten gebruik kunnen maken zowel voor activiteiten gerelateerd aan het onderwijs als voor persoonlijke projecten. Door hen te betrekken bij het onderhoud van de machines kunnen ze inspelen op de vraag naar industriële ingenieurs die ook verantwoordelijk zijn voor de machines van de industrie. Het FabLab wordt erg gewaardeerd door studenten.

De opleidingsraad heeft altijd zeer veel aandacht besteed aan studiebegeleiding. Van bij de start worden studenten  van dichtbij opgevolgd. Door middel van verschillende kleine testen wordt een profiel van de student opgesteld waarin eventuele lacunes in de kennis of studievaardigheden gedetecteerd worden en verder geremedieerd kunnen worden. Wanneer dat nodig is organiseert de opleidingsraad begeleidingssessies om de basiskennis bij te spijkeren. Na de examens van het eerste semester volgt een update van het profiel, waarover de studenten worden geïnformeerd. Verder werkt de opleidingsraad ook nauw samen met Studiebegeleiding.

Instroom

De opleiding kende een sterke groei bij de integratie in de universiteit, en deze trend lijkt zich door te zetten. De opleidingsachtergrond van deze studenten is meer divers geworden, de opleidingsraad vindt het belangrijk om dit heterogener publiek intensief op te volgen (zie ook ‘voorzieningen en studiebegeleiding’). Met de unieke afstudeerrichting Luchtvaarttechnologie binnen de Master Elektromechanica trekt de VUB studenten aan uit heel België. De opleidingsraad bekijkt continu hoe ze de instroom van studenten kan optimaliseren. Specifiek het aantrekken van vrouwelijke studenten blijft een aandachtspunt.

de opleidingsraad en studiebegeleiding bieden de studenten intensieve begeleiding

Studiesucces

Het studierendement is een constant aandachtspunt en de opleidingsraad neemt verschillende initiatieven hieromtrent. Studenten worden sterk gestimuleerd om van aan de start van hun opleiding de basiskennis goed bij te houden. Door een deadline in te voeren waarop studenten het schrijven van de masterproef moeten starten wil de opleidingsraad studenten in staat stellen deze af te werken in juni. Studenten die aan de bachelorproef werken, krijgen op verschillende momenten doorheen het jaar feedback van de jury. Ook hier speelt de intensieve begeleiding die door de opleidingsraad (en Studiebegeleiding) wordt aangeboden een positieve rol.

de afgestudeerden zijn zelfstandige en nieuwsgierige ingenieurs, doordrongen van duurzaamheid en sterk in wetenschappelijk denken

Uitstroom, alumni en relatie met het werkveld

De opleidingsraad neemt deel aan het Fellowshipprogramma van de faculteit Ingenieurswetenschappen. Het werkveld en de alumni worden vertegenwoordigd in de opleidingsraad. Ook via de stages en masterproeven vindt veel uitwisseling plaats tussen de opleiding en de industrie.

Studenten worden bewust van in het begin betrokken bij de opleiding onder andere via de opleidingsraad, zodat ze op een ander niveau leren meedenken. Door de centrale plaats die het projectwerk inneemt in de opleiding zijn de afgestudeerden zelfstandige en nieuwsgierige ingenieurs, doordrongen van duurzaamheid en sterk in wetenschappelijk denken. Door te vertoeven in een heterogene studentengroep leren ze te functioneren in de maatschappelijke realiteit die we vandaag kennen en die ook binnen de bedrijven de realiteit is. Nu de opleiding geïntegreerd is aan de universiteit kunnen studenten industrieel ingenieur nauwer samenwerken met de studenten burgerlijk ingenieur.

het opleidingsonderdeel internationale activiteiten geeft alle studenten de mogelijkheid om een internationale ervaring op te doen

Internationalisering

Om studenten te stimuleren een internationale uitwisseling te beleven werd het opleidingsonderdeel Internationale activiteiten opgericht. Dit opleidingsonderdeel geeft alle studenten de mogelijkheid om een internationale ervaring op te doen. Er is een duidelijke contactpersoon voor internationalisering binnen de opleiding die de studenten aanspreekt en gerichte infosessies verzorgt. De studenten nemen ook deel aan de informatiesessies die door de universiteit georganiseerd worden. Daarnaast worden er bedrijfsbezoeken in het buitenland georganiseerd. Jaarlijks werkt de opleiding samen met vaste buitenlandse partners die enkele studenten naar de VUB sturen om er hun masterproef of stage uit te voeren.

De opleidingsraad heeft een leerlijn Engels uitgewerkt doorheen het curriculum. Hij bekijkt ook de mogelijkheden om een Engelstalige masteropleiding aan te bieden.

Communicatie

De opleidingsraad werkt actief aan het optimaliseren van informatie naar de buitenwereld. In dat kader verfijnt hij de opleidingspagina. Daarnaast is de interne communicatie ook een continu aandachtspunt voor de opleidingsraad na de integratie in de universiteit.

de opleidingsraad is erg actief en heeft goede opvolgsystemen uitgewerkt om acties te monitoren

Werking opleidingsraad

De opleidingsraad bevordert en bewaakt de kwaliteit van de opleidingen. De opleidingsraad tekent de visie uit en formuleert onder meer voorstellen over de inhoud, de vorm, de samenhang en de studeerbaarheid van de programma’s.

Er is één opleidingsraad voor de bacheloropleiding en twee masteropleidingen samen (ORIW). Zowel het academisch personeel als de studenten, het werkveld en de alumni worden vertegenwoordigd. De opleidingsraad komt maandelijks samen waardoor hij kort op de bal kan spelen. De raad is erg actief en heeft goede opvolgsystemen uitgewerkt om acties te monitoren. Naast de ORIW zijn er verschillende kwaliteitswerkgroepen, die advies verlenen aan de ORIW over specifieke onderwerpen zoals infrastructuur, benchmarking enz.

De opleidingsraad houdt regelmatig een “Kick-off” met al het personeel, waarop vaak onderwijskundige onderwerpen worden besproken.

---------------------------------------------------

Dit rapport is gebaseerd op de resultaten van een kwaliteitsbeoordeling, die plaatsvond op 22 maart 2016. Hierbij waren vertegenwoordigers van de opleidingsraad aanwezig, inclusief studenten, naast interne en externe peers en experten.

Tekst goedgekeurd door de Academische Raad op 18 februari 2019.