SJERP-Dilemma Vrije Universiteit Brussel

SJERP-Dilemma: centrum voor hulp bij ongeplande zwangerschap en abortus

Alle activiteiten die te maken hebben met de hulp bij ongeplande zwangerschap zijn gegroepeerd in SJERP-Dilemma-VUB. Dit centrum werd officieel geopend in 2000 ter gelegenheid van de studiedag " Focus op Abortus" naar aanleiding van het 10-jarig bestaan van de wet op de zwangerschapsafbreking in België.

Ongepland/Ongewenst zwanger?

Als u vermoedt of bang bent dat u zwanger bent, of als u per ongeluk zonder voorbehoedmiddel seksueel contact had, is het belangrijk hierover vlug zekerheid te krijgen.

De test is negatief.

Misschien bent u opgelucht, omdat u niet zwanger bent, maar omdat u wellicht ook geen condoom gebruikte, kunt u niet uitsluiten dat u eventueel een seksueel overdraagbare aandoening (SOA) hebt opgelopen.
Enkele SOA zijn erg " voelbaar ", omdat u b.v. pijn hebt, maar dit is niet altijd het geval ! Dus, toch maar zo spoedig mogelijk een afspraak maken voor een medische controle.

De test is positief.

U bent dus ongepland zwanger.
Aansluitend op het testresultaat volgt een gesprek met iemand van het psychosociaal team, waarbij ingegaan wordt op de verschillende aspecten, die het zwanger zijn met zich meebrengt.
Het resultaat van dit gesprek (of, indien nodig, gesprekken) kan zijn, dat u beslist de zwangerschap te houden : van ongepland wordt de zwangerschap dan gewenst. Dan wordt er besproken op welke wijze deze zwangerschap gevolgd kan worden, zowel medisch, organisatorisch, pedagogisch, juridisch, relationeel als psychologisch.

Als ervoor gekozen wordt de zwangerschap verder te laten verlopen, kan men afzien van het ouderschap. De baby kan dan, van bij de geboorte, afgestaan worden voor adoptie.

Soms is het evenwel zo moeilijk om de zwangerschap uit te dragen en om de verantwoordelijkheid van het ouderschap aan te kunnen, dat er naar andere alternatieven gezocht moet worden.

De zwangerschap kan eveneens beëindigd worden. In België is abortus mogelijk tot 14 weken na de eerste dag van de laatste maandstonden. De ingreep gebeurt, nadat er een week vooraf een vooronderzoek heeft plaatsgehad, op het centrum Dilemma.

De volledige procedure, die gevolgd wordt, in overeenstemming met de wettelijke bepalingen, wordt u dan uitgelegd.

Eerste gesprek

Bepaling van de zwangerschap en de duur ervan

Eerst moeten we zeker zijn dat de vrouw zwanger is. De zwangerschap moet worden vastgesteld of bevestigd. Zijn er zwangerschapssymptomen zoals gespannen borsten, ochtendmisselijkheid,...? Hoe werd de zwangerschap vastgesteld ? Is er een bloedafname (HCG-bepaling = zwangerschapshormoonbepaling) gebeurd ? Is er een echografie gebeurd ? Werd er een urinaire zwangerschapstest uitgevoerd ?

Pas nadat er zekerheid bestaat omtrent de juiste zwangerschapssituatie, wordt stilgestaan bij de eventuele ongewenstheid ervan.


Een urinaire zwangerschapstest is mogelijk van zodra u overtijd bent. Indien de cliënte nog maar net overtijd is, vragen we om ochtendurine mee te brengen (= geconcentreerder).

Indien het resultaat negatief is, wordt toch de raad gegeven om na een week opnieuw een test te doen als de maandstonden uitblijven. Het hormoon dat we opsporen in de urine is pas 14 dag na de ovulatie duidelijk te meten. Als de ovulatie bijvoorbeeld een week verlaat is, zal de eerst test de zwangerschap nog niet kunnen aantonen. Bij een onzekere of onduidelijke urinetest kan eventueel ook een bloedonderzoek meer duidelijkheid brengen (zwangerschapshormoon is eerder opspoorbaar in het bloed).

Hierna wordt de zwangerschapsduur berekend vanaf de eerste dag van de laatste maandstonden (bij een regelmatige cyclus van 28 dagen).
Steeds wordt er een echografisch onderzoek uitgevoerd. Dit is nodig om het juiste aantal weken en dagen van de zwangerschapsduur te bepalen, omdat de gegevens berekend vanaf eerste dag laatste maandstonden niet steeds juist zijn (bij onregelmatige cyclus bijvoorbeeld).

Bespreking van de geboorteregeling

...zowel voor als na een eventuele abortus.

Een volgende stap is het bespreken van de gebruikte anticonceptie. Ongewenste zwangerschap kan het gevolg zijn van het niet-gebruik of gebrekkig gebruik van anticonceptie. De feilbaarheid van deze middelen en de feilbaarheid van de gebruiker spelen hierbij een rol.
Bij periodieke onthouding wordt bijvoorbeeld uitgelegd welke dagen als “veilig” beschouwd kunnen worden.
We nemen het voorbeeld van een regelmatige cyclus van 28 dagen. De ovulatie is steeds 14 dagen voor de maandstonden, in dit geval dus op de 14 de dag. Gezien spermatozoïden gemakkelijk enkele dagen kunnen overleven in een vrouwenlichaam, is het aangewezen om reeds vanaf de 8ste dag van de cyclus een condoom te gebruiken of geen betrekkingen meer te hebben. Gezien een eicel gemakkelijk enkele dagen kan overleven, is het raadzaam het condoom verder te gebruiken tot en met de 21ste dag. Zo hebben we in theorie een “veilige” marge. 
Uiteraard is het belangrijk dat het condoom op de juiste wijze dient gebruikt te worden (oa aandoen voor de penetratie). Bij “eerst wat neuken” zonder condoom is de kans groot om zwanger te geraken door de aanwezigheid van enkele spermatozoïden in het voorvocht. Dit voorvocht wordt dikwijls niet gevoeld door de man. 
Een vrouw kan ook onverwacht onregelmatig zijn (vb door een emotionele gebeurtenis, stress, ...of gewoon omwille van “moeder natuur” die soms grillig is). Hierdoor verschuift uiteraard de dag van ovulatie, waardoor het gebruikte schema niet meer van toepassing is. Periodieke onthouding is veel veiliger dan helemaal niets te gebruiken, maar is zeker niet zo betrouwbaar als andere voorbehoedmiddelen. Vroeg of laat geraakt men met deze methode ongepland zwanger.

Toch kan ook een vrouw die de pil als voorbehoedmiddel koos, ongepland zwanger worden. Heeft zij één of meer pillen vergeten, heeft zij diarree gehad, heeft ze binnen de 2 u na inname moeten braken of nam ze antibiotica ? In elk van deze gevallen kan een vrouw zwanger worden.
Indien een vrouw één pil vergeet in de eerste 7 dagen of in de laatste 7 dagen van haar pilstrip, is het mogelijk dat zij een noodpil moet innemen (zie vergeten pillen bij noodpil)

Er wordt besproken welk voorbehoedmiddel zij wenst te gebruiken in de toekomst. Er wordt uitgelegd welke de veilige anticonceptiemethoden (orale pil, prikpil, condoom, cervixkapje, pessarium, Norplant, Implanon, double dutch-methode = pil + condoom, spiraal en sterilisatie van de man of vrouw) en de onveilige anticonceptie (periodieke onthouding, coïtus interruptus, temperatuurmethode,...) zijn.

Aansluitend wordt stilgestaan bij de preventie van soa ‘s en dit voornamelijk bij risicogroepen. Zo nodig wordt het correcte gebruik van een condoom uitgelegd.

Indien de vrouw zich niet geregeld gynaecologisch laat onderzoeken (baarmoederhalsuitstrijkje en borstonderzoek), wordt het belang hiervan benadrukt.

De hulpverlener die dit gesprek doet, assisteert eveneens tijdens de ingreep en heeft een gesprek met de patiënte na de follow-up.

Indien de vrouw de zwangerschap houdt, zorgt deze hulpverlener ervoor, dat een adequate begeleiding georganiseerd wordt binnen en/of buiten het centrum.

Beslissingsproces

De situatie wordt uitvoerig met de vrouw besproken. We bekijken de achtergronden van waaruit de keuze wordt gemaakt (invloeden, druk, mening partner,...).
In dit voorgesprek proberen we een vertrouwensrelatie op te bouwen. We wensen hierbij een geruststellende , begripvolle en persoonlijke begeleiding aan te bieden.
We blijven stilstaan bij de motivatie van de vrouw om tot deze beslissing te komen. In welke levensfase bevindt de vrouw zich ? Speelt de leeftijd een rol ? Heeft ze een partner ? Heeft ze al kinderen ? Zijn de ouders van de moeilijke situatie op de hoogte ? Welke emoties brengt deze zwangerschap teweeg ? In welke mate is er kinderwens ? 
Wat waren de gevoelens van de vrouw bij het vernemen van het positief resultaat van de zwangerschapstest? Staat haar besluit reeds vast of zijn er twijfels?

Belangrijke factoren in dit beslissingsproces zijn begrip, vertrouwen, tijd en ruimte. Luisterbereidheid en verbreding van de mogelijke perspectieven zijn hierbij belangrijk.
Voldoende gespreksmomenten moeten gepland worden om met alle ambivalenties m.b.t. de beslissing rekening te kunnen houden.

De verschillende alternatieven worden hierbij aangeboden.

  • Zowel de sociale ondersteuning,
  • de pre-en postkinesitherapeutische begeleiding,
  • de medische zorg,
  • de pedagogische ondersteuning bij de opvoeding van de pasgeborene,
  • de opvangmogelijkheden,
  • de adoptieprocedure bij afstaan van het kind,
  • het bestaan van moeder - en kindtehuizen, pleegezinnenwerking,
  • de financiële en organisatorische aspecten,
  • ....

moeten telkens uitgebreid besproken worden i.f.v. alle mogelijke keuzes.

De vrouw aanvaardt haar zwangerschap

Als de vrouw besluit de zwangerschap te houden, wordt haar de nodige uitleg gegeven hieromtrent (regelmatige gynaecologische raadplegingen, toxoplasmose, rubella,....).

De vrouw kiest voor een zwangerschapsafbreking

De bloedgroep en rhesusfactor worden nagevraagd.
Er wordt uitleg gegeven over de rhesusincompatibiliteit (belang van Rhogam bij rhesus negatief). Indien de vrouw geen officieel document van bloedgroep (+ rhesusfactor) kan tonen, moet er een bloedafname gebeuren om deze te bepalen.

Pas na de besluitvorming wordt uitleg gegeven over de verschillende wijzen van de abortus (mits akkoord van de patiënt worden de gebruikte instrumenten getoond : het weten wat gaat gebeuren, kan de angst voor de ingreep verminderen), het verloop, de duur en de kosten van de behandeling. Er wordt meegedeeld dat de partner, echtgenoot, vriend(in), moeder,...tijdens de ingreep aanwezig kunnen zijn.

Vooronderzoek

Hierbij heeft de arts een dubbele taak: naast het medisch onderzoek wordt de beslissingsopbouw samen met de vrouw opnieuw of verder besproken.

De arts moet ervan overtuigd zijn, dat de vrouw een voor haar juiste beslissing neemt.

Hierna volgt de medische anamnese, waarna de patiënte een lichamelijk onderzoek ondergaat (vaginaal onderzoek, controleren van de grootte van de baarmoeder, pijn, baarmoederhalscontrole, opsporen van ontstekingen en het afnemen van kweken, een uitstrijkje, ...).

Na het vooronderzoek wordt de datum vastgelegd voor de ingreep of het verstrekken van de abortuspil. Deze is minstens 6 dagen later gepland dan het vooronderzoek, zodat de vrouw sereen kan nadenken over haar beslissing.

De abortus

Eens de vrouw vast besloten is om de zwangerschap af te breken, kan zij nadenken over welke methode zij verkiest.

Door de introductie in België van de abortuspil (merknaam: Mifégyne®) in juli 2000 hebben ongewenst zwangere vrouwen nu de keuze tussen meerdere methodes om een abortus te laten uitvoeren.

Vroeger konden vrouwen alleen kiezen voor een abortus via de techniek van de zuigcurettage. Sinds juli 2000 bestaat nu dus ook de mogelijkheid om, weliswaar enkel in een vroeg stadium van de zwangerschap, te kiezen voor de abortuspil. Beide methodes zijn veilig en efficiënt, en hebben zowel voor- als nadelen.

U kan zelf kiezen welke methode voor u het meest geschikt is. Het is belangrijk dat vrouwen die ongewenst zwanger zijn en een abortus overwegen zo vlug mogelijk correcte informatie over de abortuspil verkrijgen.

Abortus via zuigcurrettage

Abortus is een relatief lichte medische ingreep. De risico's zijn klein en complicaties komen zelden voor. Voorwaarde is wel dat de ingreep in goede medische omstandigheden wordt uitgevoerd en dat u in de twee weken na de ingreep de raadgevingen opvolgt.

De arts voelt hoe uw baarmoeder precies ligt. Zoals bij een gewoon gynaecologisch onderzoek neemt u plaats in de gynaecologische onderzoeksstoel. Met een speculum, dit is een instrument om in de vagina te kunnen kijken, wordt de baarmoederhals zichtbaar gemaakt en grondig ontsmet. De arts spuit vervolgens een plaatselijke verdoving in de baarmoederhals en bepaalt daarna met een sonde de lengte van de baarmoederholte. De baarmoederhals wordt wijder gemaakt om een buisje (van 6 à 8 mm) in te brengen, waarna de baarmoederholte wordt leeggezogen, vandaar de naam zuigcurettage. De curettage zelf duurt twee à vijf minuten, terwijl de totale ingreep ongeveer een kwartier in beslag neemt.

De meeste vrouwen hebben pijn op het einde van de ingreep, wanneer de baarmoeder gaat samentrekken (contracties). Deze pijn is te vergelijken met pijnlijke maandstonden.

Nadien blijft u nog even in de rustkamer.

De vrouw kan tijdens de ingreep vergezeld worden door de partner, een vriend(in) of een familielid. 

Abortus door middel van de abortuspil

De volgende uitleg over de abortuspil is gebaseerd op de folder over de abortuspilbrochure van LUNA VZW. 

Hoe werkt de abortuspil ?

De abortuspil behoort tot een nieuwe generatie medicijnen, gekend als ‘antiprogestagenen’. Het is een geneesmiddel dat de effecten van het lichaamseigen progesteron blokkeert – progesteron is een hormoon dat noodzakelijk is om de zwangerschap in stand te houden. De abortuspil is dus een anti-hormoon dat ervoor zorgt dat de zwangerschap wordt afgebroken. Voorts zorgt zij ervoor dat de baarmoederhals verweekt en verwijdt en stimuleert zij het samentrekken van de baarmoeder.
Wanneer de abortuspil ingenomen wordt kort na het uitblijven van de menstruatie (maandstonden), komt de bekleding van de baarmoederwand los zoals bij een gewone menstruatie en veroorzaakt op die manier een bloeding. Als er een innesteling geweest is, dan zorgt de abortuspil ervoor dat het vruchtzakje van de baarmoederwand loskomt.
Om een optimaal resultaat te bereiken (volledig leegmaken van de baarmoeder) moet de toediening van de abortuspil 8 tot 48 uur later gevolgd worden door de inname van prostaglandine. Prostaglandine zijn geneesmiddelen die de baarmoeder doen samentrekken en zo het uitstoten van de vrucht bespoedigen.
De abortuspil moet ten laatste ingenomen worden op de 63ste dag (9 weken) na het begin van de laatste menstruatie.

Waar een wet is…

Het toedienen van de abortuspil, in combinatie met prostaglandine, verloopt volgens de bepalingen van de Belgische abortuswetgeving. Dat betekent dat de behandeling enkel kan plaatsvinden in aanwezigheid van een arts in een centrum of een ziekenhuis dat de bepalingen van de Belgische abortuswet respecteert.
In het Koninklijk Besluit van 7 mei 2000 is bepaald dat het geneesmiddel Mifégyne enkel in ziekenhuisapotheken en op voorschrift kan worden aangekocht door artsen die verklaren verbonden te zijn aan een officiële abortusdienst. De abortuspil is dus niet verkrijgbaar in de gewone apotheek, en mag niet verward worden met de nieuwe noodpil (merknaam: Norlevo®). 
De vrouw dient, net als bij de zuigcurettage, een toestemmingsformulier te ondertekenen waarin ze bevestigt dat ze de zwangerschap wenst af te breken en te kennen geeft dat ze volledig werd ingelicht over de risico’s van en contra-indicaties voor deze methode.
Belangrijk om te vermelden is dat de Belgische wet voorziet in een verplichte bedenktijd van zes dagen tussen het eerste gesprek en de start van de zwangerschapsafbreking. Aangezien de abortuspil uiterlijk op de 63ste dag na het begin van de laatste maandstonden moet worden ingenomen, is het noodzakelijk dat ongewenst zwangere vrouwen die deze methode overwegen, in een zeer vroeg stadium van de zwangerschap contact opnemen met één van de abortuscentra die achteraan in deze brochure worden vermeld.

Praktisch verloop

U bent zwanger en net overtijd. U maakt een afspraak in het abortuscentrum voor een gesprek en een medisch vooronderzoek. Het team dat u ontvangt, luistert naar uw verhaal en bespreekt met u de eventuele ongewenstheid van uw zwangerschap. Indien uw beslissing vaststaat om de zwangerschap af te breken, gaat men na of de abortuspilmethode kan toegepast worden . Mogelijke contra-indicaties moeten uitgesloten worden. Er wordt een echografie uitgevoerd om de grootte van het vruchtzakje te meten ter bevestiging van de zwangerschapsduur en er wordt mogelijk ook bloed afgenomen om bloedgroep en zwangerschapshormoon te bepalen. In sommige centra gebeurt ook een infectieonderzoek. De keuze tussen abortuspil of zuigcurettage wordt met u besproken.

De inname van de abortuspil

U bevestigt uw vraag tot zwangerschapsafbreking. U hebt de informatie over de medicatie, het verloop van de procedure (inclusief de verplichte controle in het centrum) en de nodige antwoorden op uw vragen gekregen. U ondertekent een formulier waarin u dat bevestigt. Dan kunt u in het centrum zelf één tablet Mifégyne innemen (met water of met yoghurt), in aanwezigheid van de arts of van een hulpverlener die handelt in opdracht van de arts. Een half uurtje na de inname mag u het centrum al verlaten. U krijgt een nieuwe afspraak in het centrum 36 tot 48 uur later. Bij 20% van de vrouwen begint de bloeding al op de dag na de inname van de abortuspil. Bij een kleine 5 % van de vrouwen wordt het vruchtzakje al uitgestoten vóór hun volgende afspraak. U dient hoe dan ook die afspraak na te komen om te laten controleren of de expulsie (het afstoten van het vruchtzakje) wel volledig was.

De inname van de prostaglandine

Eén tot twee dagen later gaat u opnieuw naar het centrum voor de inname van de prostaglandine. 4 tabletten worden vaginaal opgestoken, waarna je een uur plat in bed blijft liggen. Na de inname verblijft u meestal 4 tot 5 uur in het centrum. Daarna kunt u naar huis. De vrucht zal worden afgestoten terwijl u in het centrum bent (70%) of in de dagen die daarop volgen (25%). Houdt u er rekening mee dat het bloedverlies overvloediger zal zijn dan tijdens uw normale menstruatie, en mogelijk stolsels kan bevatten. Het bloedverlies kan ook meerdere dagen aanhouden, vaak tot op de dag van de controleraadpleging. Indien er geen contra-indicaties bestaan, zal men uw vragen om gedurende minstens 1 maand de anticonceptiepil te nemen. Nadien kunt u, indien u dat wenst, nog altijd overschakelen op een ander betrouwbaar voorbehoedmiddel. Indien er geen expulsie plaatsvond tijdens uw verblijf in het centrum, wordt er meestal bloed geprikt om de daling van het zwangerschapshormoon te controleren.

De controleraadpleging

Twaalf tot veertien dagen na de inname van de prostaglandine dient u opnieuw naar het centrum te komen voor een controleraadpleging. De arts controleert door middel van een echografie of de baarmoeder volledig leeg is en oordeelt of er nog medicatie moet worden voorgeschreven. Wanneer de expulsie niet in het centrum plaatsvond, wordt meestal opnieuw bloed afgenomen om de daling van het zwangerschapshormoon te controleren. Tot aan die controleraadpleging, plant u dus best geen vakantie in het buitenland. In geval van nood of als u zich ergens zorgen over zou maken, kunt u contact opnemen met het centrum of met een samenwerkend ziekenhuis. Men zal u een aantal telefoonnummers meegeven die u kunt bellen indien nodig. 

Zwangerschapsafbreking (abortus)

De abortuswet

Sinds de wet van 3 april 1990 is abortus in België toegelaten, zij het onder bepaalde voorwaarden. Volgens de wet kan een vrouw die zich omwille van haar zwangerschap in een noodsituatie bevindt, een abortus laten uitvoeren. De wet geeft geen verdere omschrijving van het begrip noodsituatie, maar stelt duidelijk dat de beslissing bij de vrouw ligt. Zij alleen oordeelt over haar noodsituatie.

Elke vrouw, ook de minderjarige vrouw, heeft recht op een abortus. Zij kan een arts raadplegen met het verzoek haar hierbij te helpen. De minderjarige heeft hiervoor geen toestemming nodig van haar ouders. In het recht gaat men ervan uit dat jongeren vanaf 14 à 15 jaar hierover autonoom beslissingen kunnen nemen.

Een arts kan om gewetensredenen weigeren om een vrouw verder te helpen, maar is verplicht haar dat tijdens het eerste gesprek mee te delen. De arts hoeft de vrouw evenwel niet door te verwijzen. Een vrouw heeft er dus alle belang bij om de arts vooraf te vragen of die bereid is haar te helpen. Als de arts weigert, is het raadzaam zo snel mogelijk contact op te nemen met een andere arts of rechtstreeks met één van de abortuscentra.

Wanneer

Een zuigcurettage moet gebeuren binnen de 12 weken na de bevruchting (of binnen de 14 weken, als u begint te tellen vanaf de eerste dag van de laatste menstruatie).
De abortuspil moet genomen worden ten laatste op dag 63 vanaf de eerste dag van de laatste maandstonden).

Wachttijd

Voor de ingreep kan plaatsvinden is er een - door de wet verplicht - gesprek. Minstens 6 dagen later kan de abortus uitgevoerd worden. U kunt dus nooit van bij uw eerste afspraak een ingreep laten uitvoeren.

Contact

Abortuscentrum Sjerp-Dilemma-VUB

NIEUW ADRES vanaf  1 maart 2016!!!
Waversesteenweg 1055, 1160 Brussel 

Hoek Schoofslaan en Waversesteenweg
In nabijheid van Campus Vrije Universiteit Brussel

Vlakbij Colruyt Oudergem
OPGEPAST : in de directe omgeving is het blauwe zone voor parkeren (parkeerschijf)
Je kan gratis parkeren op de campus VUB
Postadres: Pleinlaan 2, 1050 Brussel
Tel: 02-629 23 40
Fax:02-629 23 43

Abortuscentra

Abortushulpverlening - coördinatie

LUNA VZW 
p/a Rooseveltplaats 12 
2060 Antwerpen 
Tel. 03/226 25 25 
fax. 03/236 11 88 

Coördinatie Wallonië

Groupe d'Action des Centres Extra-Hospitaliers Pratiquant l'Avortement (GACEHPA)
rue de la Tulipe 34
1050 Brussel
02/502 72 07

Abortuscentra Vlaanderen & Brussel

Dr. Willy Peerscentrum
Rooseveltplaats 12 
2060 Antwerpen
Tel. 03/226 25 25
Fax 03/236 11 88

Sjerp-Dilemma - Vrije Universiteit Brussel 
Waversesteenweg 1055, 1160 Brussel (hoek Waversesteenweg en Schoofslaan, vlakbij Colruyt)

postadres : Pleinlaan 2, 1050 Brussel

Tel. 02/629 23 40
Fax 02/629 23 43

Kollektief Antikonceptie
Lieven De Winnestraat 65/001
9000 Gent
Tel. 09/233 64 92
fax. 09/233 62 34

Bourgogne Centrum
Gouverneur Roppesingel 81, 2de verdieping 
3500 Hasselt
Tel. 011/23 29 91
fax 011/24 27 74

CEVO Centrum voor verantwoord ouderschap West-Vlaanderen
Prinses Stephanieplein 19
8400 Oostende
Tel. 059/80 57 11